Met alle kracht die ik in mijn armen had probeerde ik mijn koffer op te tillen. Het ding verhoerde zich bijna niet. Ik hoorde het bekende, warme geluid van mijn broers lach. Rory liep langs me heen en sleurde mijn koffer mee alsof het gewoon een handtas was. Hij tilde de koffer in de achterbak van onze auto. Ik stapte achterin, plugde mijn oordopjes van mijn iPhone in mijn oren en wachtte tot de rest klaar was. Rory kwam naast me zitten en zette zijn zonnebril op. Mijn ouders kwamen er nu ook aan. "Heeft iedereen alles?" "Ja pap, dat heb je nu al voor de derde keer gevraagd." zei ik met een glimlachje. "Oké." Mijn vader startte de auto en we reden richting het vliegveld. Als het goed was, stonden Fly en Sunny daar op me te wachten. Ik sloot mijn ogen en luisterde naar de klassieke muziek die op mijn iPhone stond. Nog voordat ik vier liedjes had geluisterd stonden we al op het vliegveld. "Julia, ik til je koffer wel" hoorde ik Rory zeggen. "Dankje~" Ik stapte uit de auto. Mijn moeder en ik liepen voorop, gevolgd door papa en Rory met de koffers.
"Julia!" Hoorde ik twee meisjes schreeuwen zodra ik mijn eerste stap binnen de vlieghal zette. Niet veel later zag ik niets anders dan donkerbruine krullen. "Pas op dat je haar niet doormidden breekt!" hoorde ik Sunny zeggen. Fly liet me lachend los. "Ik ga jullie zo missen" Ik zette een pruillipje op. "Ahw!" Deze keer was het Sunny die me een knuffel gaf. "We blijven bellen!" "En mailen en schrijven!" maakte ik Fly's zin af. "Ah, Julia! Ik heb iets voor je gekocht!" Sunny begon in een plastic tas te rommelen. Ze overhandigde me een doos die ik nieuwsgierig opmaken. Het zat vol met verschillende koekjes. "Je bent zo mager, je moet het echt opeten! Dat moet trouwens sowieso, want je eten moet op zijn voordat je het land van bestemming bereikt!" zei ze. Ik keek haar aan alsof ze gek was. "Sunny..." Eerlijk gezegd wist ik niets te zeggen, dus ik maakte mijn zin niet meer af. "Hé! Koekjes!" Een onder de sproeten bezaaide arm kwam over mijn hoofd heen. Hij greep een koekje uit de doos. "Rory" zei ik lachend. "Die waren voor mij." Rory haalde nonchalant zijn schouders op. "Julia, we moeten gaan, kom je mee?" hoorde ik mijn vader ergens roepen. "Ik kom er aan!" Ik stak mijn beide armen uit en sloeg ze om Fly en Sunny heen. "Tot over vier weken!" Ik liet ze weer los en rende naar mijn ouders. Ik zwaaide nog een keer en vervolgens gingen we het hele vliegveld proces door. Na een flinke tijd zat ik dan eindelijk in hetvliegtuig.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten